• Vakmanschap
  • Leidinggeven
  • Veiligheid
  • Continu verbeteren

Installatieverantwoordelijkheid

20

dec

20

dec

Niet alleen een hele mond vol, maar tevens een veelomvattend onderwerp dat op dit moment een toenemende belangstelling geniet van installateurs. Onder meer omdat steeds meer bedrijven deze verantwoordelijkheid willen outsourcen; een kans voor installateurs in tijden van crisis, of een gevaarlijke valkuil?

De basis van de term installatieverantwoordelijkheid ligt in het Arbobesluit, waar in artikel 3.4 wordt gesproken over elektrische installaties. Installaties waar óók de W-installateur in toenemende mate mee te maken krijgt. Letterlijk begint dit artikel met: 'Elektrische installaties zijn zodanig ontworpen, ingericht, aangelegd, onderhouden en gekenmerkt, dat een veilig gebruik van elektriciteit zo goed mogelijk is gewaarborgd. Hiertoe zijn de nodige voorzieningen en beschermingsmaatregelen aangebracht.' Deze maatregelen moeten onder meer brand- en ontploffingsgevaar voorkomen, maar ook beschermen tegen directe en indirecte aanraking en te dichte nadering.

Artikel 3.5 verwijst vervolgens naar het feit dat alle werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een 'deskundige, voldoende onderrichte en daartoe bevoegde werknemer'. Maar wie is dat dan én wie bepaalt dat iemand deskundig en bevoegd is? Aanwijsbeleid Uiteindelijk is het de werkgever of leidinggevende die – in samenspraak met de betreffende werknemer – vaststelt of een specifieke werknemer deskundig genoeg is om bepaalde werkzaamheden uit te voeren en de verantwoordelijkheid voor een (elektrische) installatie of arbeidsmiddel op zich te nemen. Of een werknemer voldoende geschikt is, bepaalt hij of zij op basis van de kennis die de medewerker heeft opgedaan in een opleidingstraject en (werk)ervaring. Wanneer hij of zij ervan overtuigd is dat de medewerker de gewenste werkzaamheden kan uitvoeren, kan deze vervolgens een aanwijzing verwachten. In NEN 3140 worden vier aanwijzingen vermeld; 'Werkverantwoordelijke', 'Installatieverantwoordelijke',
'Vakbekwaam persoon' en 'Voldoende onderricht persoon'.

Aanwijzing

In een aanwijzing 'Installatieverantwoordelijke' wordt vastgelegd om welke persoon het gaat, wat zijn taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn en het belangrijkste: voor welke elektrische installatie(s) en/of elektrische arbeidsmiddelen hij verantwoordelijk is. Vervolgens is het van belang dat de installatieverantwoordelijke de bevoegdheden van zijn werkgever krijgt om zijn
verantwoordelijkheid op de juiste wijze te kunnen invullen én dat de juiste middelen beschikbaar zijn. Matrix Bedrijven met een gedegen aanwijsbeleid hebben in de voorbereidende fase een matrix opgesteld met hierin alle medewerkers die een elektriciteitsrisico lopen bij het omgaan met elektrische installaties (zowel W als E). Vervolgens wordt per medewerker bepaald wat zijn werkzaamheden met een elektriciteitsgevaar zijn, welke taken en verantwoordelijkheden daarbij horen en om welke installaties en arbeidsmiddelen het gaat. Tevens is in deze matrix vastgelegd welke middelen hij nodig heeft en welke werkprocedures hierbij horen.

 

Installatieverantwoordelijke

Taken van installatieverantwoordelijke

De installatieverantwoordelijke heeft een aantal taken die zijn vastgelegd in nen 3140. Hierin staat onder andere beschreven dat hij verantwoordelijk is voor de aangewezen elektrische installaties én arbeidsmiddelen, het in stand houden van de veiligheid (onder andere door inspectie en onderhoud) en het vaststellen van de procedures voor de bediening van de installatie. Ook moet hij de plannen voor het uitvoeren van de werkzaamheden goedkeuren; hierbij gaat het onder meer om de frequentie van de inspecties en de eventuele acties die hieruit voortvloeien (inclusief urgentie).

Anton Kerkhofs, trainer en adviseur bij sbk opleidingen: 'Vanuit de praktijk kan ik zeggen dat dit bij weinig bedrijven in orde is. Bedrijven die echt in de elektrotechniek zitten hebben er vaak nog wel íets aan gedaan, maar de  resterende bedrijven weten vaak niet eens dat deze taken bestaan. Bij de W-installateurs is het zo mogelijk nog slechter gesteld. En áls er al mensen zijn aangewezen en documenten zijn opgesteld, dan gaat het ook vaak om de spreekwoordelijke 'papieren tijger' waarvan het gewenste effect uiteindelijk ontoereikend is. Dat komt vooral omdat mensen zich onvoldoende realiseren waarom nen 3140 dergelijke punten behandelt. Dat is in eerste instantie om de veiligheid van de werknemer en zijn omgeving te waarborgen. Natuurlijk zijn hier kosten aan verbonden, maar als je de kosten bekijkt die gepaard gaan met een bedrijfsongeval dan zijn die te verwaarlozen. Nog afgezien van persoonlijk leed.' Naast veiligheid levert het op orde hebben van de installatieverantwoordelijkheid volgens Kerkhofs ook andere voordelen op. Bijvoorbeeld het feit dat de installaties naar behoren functioneren én een efficiëntere organisatie. 'Het is bovendien al vele malen bewezen dat goed – en dus regelmatig – onderhoud met de juiste middelen uiteindelijk leidt tot een lagere Total Cost of Ownership. Tel uit je winst.'

Overname installatieverantwoordelijkheid

Kijkend naar installatieverantwoordelijkheid is
onderscheid te maken tussen een periode waarin de installatie wordt geplaatst en de periode waarin hij wordt gebruikt. Tijdens het installeren ligt de verantwoordelijkheid bij de installateur of het installatiebedrijf. Wanneer de installatie wordt overgedragen aan de eigenaar is de laatste verantwoordelijk voor het aanwijzen van een installatieverantwoordelijke. Volgens nen 3140 moet elke elektrische installatie en elk arbeidsmiddel echter onder de verantwoordelijkheid vallen van een of meer daartoe aangewezen installatieverantwoordelijke(n). Dit kan binnen zijn eigen organisatie zijn, maar het gebeurt ook steeds vaker dat hij hiervoor hetzelfde of een ander installatiebedrijf in de arm neemt. In de meeste gevallen gebeurt dit wanneer binnen een bepaald bedrijf een eigen technische dienst (met voldoende kennis) ontbreekt. En dat is steeds vaker het geval. De installatieverantwoordelijke binnen het eigen bedrijf is altijd een natuurlijke persoon, bijvoorbeeld het hoofd technische dienst. Wanneer er sprake is van het aannemen of uitbesteden van de taak kan het ook gaan om een rechtspersoon.

Verantwoordelijkheid

Omdat het relatief slecht is gesteld met het besef van installatieverantwoordelijkheid, doen installatiebedrijven er verstandig aan om goed uit te zoeken of het handig is deze verantwoordelijkheid van een specifiek bedrijf over te nemen. Bij een volledige overdracht gaat het immers om álle elektrische installaties en elektrische arbeidsmiddelen waarvan sommigen er in de praktijk mogelijk slecht aan toe zijn. Kerkhofs: 'In de overeenkomst waarin een installatiebedrijf de installatieverantwoordelijkheid van een bedrijf overneemt, moeten de partijen bijzonder goed vastleggen wat de taken en verantwoordelijkheden zijn van alle betrokken mensen en tevens de bijbehorende bevoegdheden. Het zal niet de eerste keer zijn dat ik een installatieverantwoordelijke tegenkom die wel een heleboel moet, maar hiervoor uiteindelijk niet de bevoegdheden of middelen heeft.' Ook een aandachtspunt voor installatiebedrijven is om het aanwijsbeleid van het bedrijf waarvan de verantwoordelijkheid wordt overgenomen, onder de loep te nemen. Kerkhofs: 'Binnen dat bedrijf moet namelijk ook het aanwijsbeleid zijn geregeld voor de medewerkers die aan de installaties komen en hierbij een gevaar (kunnen) lopen. Bijvoorbeeld voor de operator van een machine in een productiebedrijf. Mag hij zelfstandig een smeltpatroon wisselen of een thermische beveiliging resetten? Ogenschijnlijk kleine zaken die opeens heel belangrijk zijn als het mis gaat,
bijvoorbeeld als er brand uit breekt.'

 

SBK Opleidingen verzorgt de training NEN 3140 NEN 1010 Inspectietechnieken - Installatieverantwoordelijke.

Door: Anton Kerkhofs
undefined